Op weg naar de AMLR 2: Reikwijdte

Bredere reikwijdte AMLR

Een van de meest in het oog springende wijzigingen die de introductie van de AMLR met zich brengt is de uitbreiding van de reikwijdte. Een grotere groep entiteiten moet per 10 juli 2027 maatregelen gaan nemen ter voorkoming van witwassen en terrorismefinanciering. Bij deze ontwikkeling staan wij in deze blog stil.

Het Nederlandse landschap/Wwft

Traditioneel gezien kunnen de Wwft-instellingen worden opgedeeld in twee categorieën: financiële ondernemingen en niet-financiële ondernemingen, veelal beroepsbeoefenaars (zoals advocaten en notarissen). Ten aanzien van beide categorieën verbreedt de AMLR de reikwijdte. Hierbij lichten wij een aantal voorbeelden uit.

Voorbeeld 1: Ruimer bereik voor financiële diensten

Een manier waarop de Nederlandse wetgever de reikwijdte van de Wwft heeft beperkt is door voor te schrijven dat ‘financiële ondernemingen’ in hoofdzaak het bedrijf moeten maken van de relevante werkzaamheden zoals opgenomen in bijlage I bij de richtlijn kapitaalvereisten. Hierbij kan gedacht worden aan verschillende bancaire diensten, zoals het aanbieden van krediet (zakelijk/privé), (financial) leasing of betaaldiensten.

De termen “in hoofdzaak” en “het bedrijf maken” zijn niet gedefinieerd in de Wwft. Een redelijke uitleg van, bijvoorbeeld, het “in hoofdzaak-criterium” is als een partij voor meer dan 50% van de bedrijfsactiviteiten een van de werkzaamheden verricht. Daarbij kan bijvoorbeeld gekeken worden naar omzet, winst, aantal FTE dat zich met die activiteiten bezighoudt, etc. In de praktijk kon een grote groep ondernemingen leunen op deze ‘uitzondering’.

De termen ‘in hoofdzaak’ en ‘bedrijf maken’ komen echter niet terug in de AMLR, althans niet met betrekking tot partijen die een of meer diensten genoemd in de punten 2 tot en met 12, 14 en 15 van bijlage I bij de richtlijn kapitaalvereisten verlenen. De AMLR bevat dus geen criterium dat één of meerdere van deze diensten in hoofdzaak moeten worden verleend en dat de partij het bedrijf hiervan moet maken voordat deze partij onder de reikwijdte van de AMLR valt.

Dit betekent dat zodra een instelling krediet aanbiedt, financial leasing producten aanbiedt en/of betaaldiensten verleent, zij daarmee in beginsel al onder de reikwijdte van de AMLR valt. Dit zal voor marktpartijen die voor een beperkt deel hun bedrijf maken van dergelijke diensten een onaangename verrassing zijn en disproportioneel aanvoelen. Lidstaten kunnen besluiten om partijen die slechts incidenteel of slechts in beperkte mate dergelijke diensten verlenen uit te sluiten als wordt voldaan aan een zestal – voorgeschreven – voorwaarden. Wij hebben een checklist ontwikkeld voor deze aanbieders van ‘financiële diensten’ zodat zij kunnen nagaan of zij onder het toepassingsbereik van de AMLR (gaan) vallen.

Het is op het moment nog onduidelijk hoe Nederland dit precies gaat implementeren, al wordt telkens benadrukt dat de wetgever een lastenluwe implementatie voorstaat. Het is in ieder geval een gegeven dat de drempel om te kwalificeren als een ‘AMLR-instelling’ veel lager ligt dan de huidige Nederlandse drempel. Marktpartijen moeten hier alert op zijn.

Voorbeeld 2: Holdings

Een andere verruiming van de AMLR ziet op het feit dat verschillende soorten holdings ook onder de reikwijdte van de AMLR worden gebracht. Financiële holdings, gemengde financiële holdings, financiële gemengde holdings, niet-financiële gemengde holdings, verzekeringsholdings en gemengde verzekeringsholdings (kort samengevat: alle holdings, die zelf geen dochteronderneming zijn, met een AMLR-instelling (veelal dus een financiële instelling) als dochteronderneming) vallen onder het toepassingsbereik van de AMLR. Deze groep ondernemingen wordt onder de reikwijdte van de wetgeving gebracht om het toezicht op deze entiteiten te waarborgen.

Bij complexere structuren zal het nog een behoorlijke exercitie zijn om te bepalen wie de (EU)-moederonderneming is, zeker wanneer de groep zelf een moederonderneming heeft die buiten de EU is gevestigd. Wij merken in de praktijk dat dit nu al tot hoofdbrekens leidt bij ondernemingen met een niet-EU holding.

Holding-entiteiten die onder de AMLR gaan vallen zullen zelf dus ook actief AMLR-beleid moeten gaan voeren, inclusief cliëntenonderzoek en transactiemonitoring. Dit terwijl de meeste holding-entiteiten geen reële activiteiten verrichten, behalve dan het houden van andere entiteiten. Hierdoor komt deze verruiming onzinnig over, en merken wij in de sector dat deze ontwikkeling de nodige wenkbrauwen doet fronsen.

Voorbeeld 3: Crowdfunding

De AMLR heeft ook impact op de crowdfunding sector. Crowdfundingdienstverleners vallen vooralsnog niet onder de reikwijdte van de Wwft, tenzij ze een MiFID-vergunning hebben. De AMLR regelt echter dat crowdfundingdienstverleners en crowdfundingbemiddelaars (partijen die geen vergunning hebben als crowdfundingdienstverlener, maar wel vergelijkbare diensten verrichten) vanaf 10 juli 2027 ook expliciet onder het raamwerk gaan vallen. De AMLR brengt dan ook voor de crowdfundingsector een (aanzienlijke) administratieve verzwaring met zich.

Voorbeeld 4: Voetbal

Professionele voetbalclubs en de voetbalmakelaars die daarbij betrokken zijn gaan ook onder de reikwijdte van de AMLR vallen. Professionele voetbalclubs hoeven de AMLR alleen toe te passen met betrekking tot de volgende transacties: (i) transacties met een investeerder; (ii)

transacties met een sponsor; (iii) transacties met voetbalmakelaars of andere tussenpersonen; en (iv) transacties met het oog op de transfer van een voetbalspeler.

Lidstaten kunnen overigens ervoor kiezen om bepaalde kleinere professionele voetbalclubs vrij te stellen van de AMLR. Op het moment van schrijven is het nog niet duidelijk of de Nederlandse wetgever gebruik gaat maken van deze optie.

De AMLR voorziet op specifiek dit punt in een latere inwerkingtreding: voetbalclubs en voetbalmakelaars hoeven pas per 10 juli 2029 de AMLR toe te passen.

Onduidelijkheid: Alternatieve beleggingsinstellingen

Een wijziging in reikwijdte die zomaar eens een beperking zou kunnen meebrengen, is die voor alternatieve beleggingsinstellingen (abi’s) en hun beheerders (abi-beheerders). Dat komt omdat de AMLR – anders dan haar voorgangers in de vorm van de diverse AMLD-richtlijnen – verwijst naar abi-beheerders in de zin van de AIFMD, ‘die binnen het toepassingsgebied van artikel 2 van de AIFMD vallen’. In ons eerste (wetenschappelijke) artikel over de AMLR uit een reeks van twee behandelden

we al eens de betekenis van die laatste bijzin. Kort gezegd komen wij tot de conclusie dat de AMLR niet van toepassing is op abi-beheerders die gebruikmaken van het zogenoemde AIFMD Registratieregime (uit hoofde van 2:66a Wft). Het is niet evident of de abi’s die zij beheren dan ook zijn uitgezonderd, maar dat vinden wij wel een logisch gevolg van de reikwijdtebepaling. Er blijft dus vooralsnog onduidelijkheid bestaan over dit punt, al lijkt de AFM ervan uit te gaan dat abi-beheerders die onder het AIFMD Registratieregime opereren wel onder het bereik van de AMLR blijven vallen (zie link).

De AMLA heeft overigens geen bevoegdheid om Q&A’s uit te vaardigen ten aanzien van de level 1 tekst van de AMLR. AMLA zal vermoedelijk dus niet de doorslag gaan geven op dit punt. De vraag is wie dan wel het mandaat heeft hier uitsluitsel over te geven. Dat zou, vanwege de rechtstreekse werking van de AMLR, de Europese Commissie moeten zijn en in beginsel niet de lidstaten of lokale toezichthouders. Het is maar zeer de vraag of de verlossende woorden er zullen komen vóór 10 juli 2027.

To do’s voor marktpartijen

Een goed begrip van de reikwijdte van de AMLR vereist diepgaande kennis van en ervaring met de onderliggende sectorale toezichtraamwerken waarnaar de AMLR verwijst, zoals CRD, PSD2, IDD, de AIFMD, MiFID II, MiCAR, etc. Finnius adviseert marktpartijen zeer frequent over de reikwijdte van deze toezichtraamwerken en kan uit ervaring spreken dat dit niet zelden een genuanceerde analyse betreft.

Als de AMLR van toepassing is, terwijl de Wwft dat nu nog niet is, heeft dat vanzelfsprekend erg veel impact op de bedrijfsvoering. We raden marktpartijen dan ook aan om op korte termijn deze analyse te maken.

Voor assistentie bij het in kaart brengen van de reikwijdte kunt u contact opnemen met Pim Smith en/of Tim de Wit.

Geen blog missen in de ‘Op weg naar de AMLR’-reeks?

Schrijf u nu in voor de Finnius Nieuwsbrief ‘Op weg naar de AMLR’ en ontvang nieuwe berichten direct in uw inbox.